Opnieuw kwamen er sterretjes uit de toverstaf van fee Malinda. Woppie sloot zijn ogen en 5 seconden later stonden ze op een mooie plek in het bos. Een plek vol met prachtige bloemen, waar vogels aan het zingen waren, met een helderblauwe waterval en kleine baby hertjes zaten rond te huppelen.

“En nu wachten we op de prins. Hij zal hier binnen enkele minuten aankomen.” Zei Malinda. Ze gingen alle twee zitten op een steen. Maar de prins kwam niet. Na een uur gewacht te hebben was Woppie het beu en ging hij op zoek naar de prins. Hij stond recht en sprong zo ver als hij kon vooruit.

“PAS OOOPP!!!” klonk een boze, luide stem. Woppie keek en zag de prins op zijn witte paard. Het paard moest zo rap stoppen voor Woppie dat de prins van het paard vloog.

“Oh, het spijt me meneer de prins. Wij waren op zoek naar u. Wij hebben uw hulp nodig.”  Woppie maakte een buiging voor de prins die ondertussen in een boom hing. “Het geeft niet mijn vriend. Met wat kan ik jullie helpen?” zei de prins terwijl hij uit de boom klom.

Woppie vertelde de prins dat er een prinses genaamd Sneeuwwitje vergiftigd was door haar stiefmoeder, de koningin en dat enkel een ware liefdeskus haar nog kan redden. Ze namen de prins mee naar de kist van Sneeuwwitje.

De prins zag Sneeuwwitje liggen en hij werd verblind door haar schoonheid. “Wat is ze bloedmooi.” zei hij tegen Woppie. Hij liep naar haar toe. Hij tuitte zijn lippen om haar te kussen. Hij kwam dichter en dichter…

WORDT VERVOLGD…

No responses yet

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *